Aito Köster
Aito Köster

Sinds 29 oktober heeft bokser Aito Köster (19) een topsporterkenning van het NOC-NSF. Topsport Limburg gaat inventariseren welke aanvullende faciliteiten nodig zijn om zijn sportieve doelen te kunnen bereiken. “Ik zou graag zes dagen per week op niveau kunnen trainen. Misschien dat dat nu geregeld kan worden”, aldus het jonge bokstalent, dat in Weert gesteund wordt door de stichting Gaan voor Goud.

Aito Köster (19)

• Opleiding: ROC Summa College Eindhoven, sportcoördinator
• Boksinstructeur bij Life Style Vitae
• Zoon van Jean-Paul Köster en Carlon Linden, één broer Rephay
• Heeft verkering met Nina van Daal
• Bokst bij: Nederlands team Windmill in de Duitse Oberliga, The Golden Gloves Eindhoven en Team Zuid
• Hobby’s: sporten.

Aito Köster bokst in de categorie tot 64 kilo, het lichtweltergewicht. Hij bokst met het Nederlands Windmill team in de Duitse Oberliga. De afgelopen vier jaar was hij in zijn klasse telkens Nederlands kampioen. Dit jaar doet hij voor het eerst mee in de elite klasse, de senioren. Ook daarin wist hij op 29 november jl. in Rotterdam de Nederlandse titel te behalen. In 2015 won hij verder o.a. de Kreismeisterschaft van Nordrhein-Westfalen, de Hvidovre Cup in Denemarken en haalde hij de halve finale van het grootste Europese bokstoernooi in het Britse Haringey. Bij de elite werd hij dit jaar ook al Zuid-Nederlands kampioen.

Sporten is zijn lust en zijn leven. Hij voetbalde en was op hoog niveau actief met breakdancing. Maar bij zijn eerste contact met de bokssport – op 14-jarige leeftijd – was het letterlijk en figuurlijk raak. “Eigenlijk een beetje laat”, erkent Aito. “In het buitenland zie je kinderen al vaak op acht- à tienjarige leeftijd beginnen. In Duitsland, het Oostblok of in Engeland heeft praktisch ieder dorp zijn voetbalclub en boksclub. Daar wordt de bokssport ook anders beleefd dan hier.”

Nieuwe lichting
Het Nederlandse boksen bracht lange tijd weinig talenten voort. De laatste grote namen zijn Arnold Vanderleijde, Pedro van Raamsdonk en Rudi Koopmans. Nu staat er weer een goede lichting aan te komen. Het kernteam van de Nederlandse Boksbond – vier mannen en twee vrouwen – bokst op het hoogste mondiale niveau en enkele boksers hebben zich al voor de Olympische Spelen in Rio gekwalificeerd. Het Nederlandse basisteam, waar Aito deel van uitmaakt, is op het hoogste Europese niveau actief. Aito zit tegen het kernteam aan. Hij zit in de lichting van 18 tot 23-jarigen die klaargestoomd wordt voor de Olympische Spelen in Tokio in 2020. “Het boksen zit duidelijk in de lift”, vindt Aito. “Dat komt ook doordat sportscholen steeds vaker boksfitness aanbieden.”

Twaalf keer trainen
Hij moet er veel voor doen en laten om het topsportniveau te halen en behouden. Hij traint zes dagen per week, twee keer per dag. “Zondag is mijn rustdag. Mijn school, het Summa College in Eindhoven, faciliteert topsporters. Ik studeer er voor Sport- en Bewegingscoördinator. Ik kan trainen onder schooltijd en wordt in de gelegenheid gesteld mee te doen aan wedstrijden en toernooien in binnen- en buitenland. De lessen kan ik in een andere klas inhalen.” Hamburgers en cola zijn uit den boze. Hij krijgt aangepaste voeding. “Ik eet thuis wel mee, maar niet wat de pot schaft. Ik sta op een koolhydraatarm, eiwitrijk dieet, laag in de calorieën. Veel wokken, veel groente, af en toe wat vis en veel shakes. Gaan voor Goud heeft gezorgd voor een diëtiste en Olaf van der Zanden regelt de voedingssupplementen. Alleen met Kerst moet ik thuis met de familie mee-eten”, lacht hij.
“Het boksen heeft me helemaal veranderd. Ik heb een totaal andere levenswijze en levensritme van inspanning en rust. Ik ben rustiger en serieuzer geworden. Het helpt me op school, het heeft me aan mijn eerste baantje geholpen als boksinstructeur bij Life Style Vitae en ik voel me slechter als ik het dagelijkse ritme doorbreek. Ik heb het er allemaal graag voor over. Mensen kunnen zich vaak niet voorstellen dat ik een bokser ben.”

Inventarisatie
Eind oktober viel de brief op de mat waarin het NOC-NSF hem de topsporterkenning toekende. “Binnenkort komt er een consulent om te inventariseren hoe de sportweek eruit ziet en hoe trainingsfaciliteiten en trainingsintensiteit zijn. Op basis daarvan wordt gekeken wat ik verder nodig heb. Gaan voor Goud heeft al voor een aantal zaken gezorgd. Hopelijk kan het NOC-NSF regelen dat ik zes dagen per week door een gecertificeerde trainer wordt begeleid. In Eindhoven bij The Golden Gloves is dat drie keer per week. Het zou mooi als ik ook drie keer per week buiten de regio of in Duitsland met een gecertificeerde trainer kon gaan trainen. Topsport Limburg heeft weer andere netwerken dan Gaan voor Goud.”

Stap zetten
De komende jaren wil Aito op Europees en mondiaal niveau bij de besten gaan horen. Zijn stip op de horizon is de Olympische Spelen in 2020 in Tokio. “Ik moet nog de stap naar het kernteam van de Nederlandse Boks Bond maken. Dat kan door op zwaar bezette toernooien in de medailles te boksen. Dan is die stap gemakkelijker te maken en ga je naar het EK en WK. Mijn streven is om binnen tweeënhalf jaar het kernteam te bereiken en via een goede klassering op een EK of WK een ticket voor de Olympische Spelen te behalen.”

En dat wil hij ‘schoon’ doen. Hij heeft de berichten rond het Russische dopingschandaal nauw gevolgd. “Dat alle Russische sporters aan de doping zouden zitten, vind ik overdreven. Maar zou ik die laatste stap naar de absolute top alleen maar met doping kunnen zetten, dan stopte ik ermee. Dat vind ik niets. Als je topsport bedrijft, moet je binnen het toelaatbare niets nalaten om de top te bereiken. En als het dan niet lukt, zit je blijkbaar aan je plafond. Dan is dat je niveau. Blijkbaar gaat er te veel geld in de sport om om het eerlijk te doen.”

Kosten
De Stichting Gaan voor Goud faciliteert Aito o.a. met een fysiotherapie, mental coaching, trainingsfaciliteiten en een diëtiste om alle mogelijke hindernissen weg te nemen. “De persoonlijke aandacht en het enthousiasme van de mensen in de stichting is heel prettig”, vindt vader Jean-Paul, die Aito al deze jaren met raad en daad bijgestaan heeft.

De stichting draagt ook bij op financieel vlak. Aito: “In 2015 heb ik een aantal buitenlandse toernooien bezocht. Dan maak je reis- en begeleidingskosten. Daarnaast train ik een-op-een met Hans Truijen, een Weerter oud-wedstrijdbokser. De Stichting maakt die trainingsuren mogelijk. Komend jaar zullen er opnieuw veel buitenlandse toernooien en wedstrijden op het programma staan. Die heb ik nodig voor mijn ontwikkeling. Mijn Nederlandse opponenten ken ik nu wel een beetje.”

www.gaanvoorgoud.nl