Fred Maas. Fotografie: Irene van Wel

In deze rubriek gaan we op zoek naar verhalen uit het verleden. Dit keer duiken we in de geschiedenis van aannemersbedrijf Wilma. Opgericht door Harrie Maas en Henk Willemsen in 1939 groeide het Weerter bedrijf uit tot toonaangevend ontwikkel- en bouwconcern. Oud-directeur Fred Maas vertelt over de historie, het verschil in inzicht tussen de grondleggers en de fusie.

Door Wesley Hegge

“Mijn vader Harrie Maas (1917-1977) begon als timmerman op de bouw en werkte zich op tot onderbaas”, zegt Fred Maas. De 71-jarige oud-directeur woont in het Belgische Molenbeersel, maar werd geboren in de Aldenborghstraat in Weert. “Harrie leerde tijdens de bouw van het Pensionaat Sint Louis in Weert Henk Willemsen kennen. Daar was Henks vader uitvoerder. Ze kregen het idee om samen als onderaannemer de dakconstructie van het pensionaat te maken.”

Oorlogsperiode
Die klus leidde op 1 januari 1939 tot de oprichting van bouwbedrijf Wilma, een samentrekking van de achternamen van de twintigers. “Het was ook meteen hun laatste opdracht, want enkele maanden later brak de Tweede Wereldoorlog uit en moesten ze in dienst. Als Nederland zich overgeeft, hervatten ze hun werkzaamheden. Ze herstellen twee bruggen in Weert die door troepen waren opgeblazen.”

De voorspoedige ontwikkeling wordt in 1942 onderbroken als de Duitse bezettingsmacht de teugels verder aantrekt. “Harrie en Henk duiken onder om te ontsnappen aan de Arbeitseinsatz. De bezittingen van het bedrijf worden in veiligheid gebracht door met de trein kruiwagens, een betonmolen, steigermateriaal, damwandplanken en dergelijke naar Tilburg te brengen. Harrie verbergt zich bij een boer in Udenhout. Op 22 september 1944 wordt Weert relatief ongeschonden bevrijd.

NAAM Godfried Maas ROEPNAAM Fred GEBOREN OP 8 oktober 1948 in Weert WOONT IN Molenbeersel (België) PARTNER Karin Verstappen VADER VAN Stef en Roel VRIJE TIJD Golfen, jagen en bridge ACTIEF BINNEN HET BEDRIJF Van 1975 tot 2000

Het duurt dan nog ruim een maand voordat Tilburg en Breda aan de beurt zijn. Als Henk bezig is met het repareren van een beschadigde dak van zijn onderduikadres hoort hij van beneden een bekende stem. ‘Heidaar, zou de ene helft van Wilma genegen zijn de andere weer te helpen?’ Het is Harrie die op zijn fi ets zijn compagnon komt halen.”

Tweede jeugd
Er was werk aan de winkel. “In december 1944 begon Wilma aan zijn tweede jeugd en start met de renovatie van boerderijtjes. De oorlog had zijn sporen nagelaten. Zo werden in de bossen in Ospel dennen gekapt die gebruikt werden voor het herstellen van de daken van de kapot geschoten boerderijen. Ze liepen met gevaar voor eigen leven tussen de granaten door om bij de dennen te komen.”

De eerste grote opdracht kwam in 1952: de bouw van 860 woningen in Maastricht, compleet met wegen en riolering. Op de vraag waarom men voor Wilma koos, denkt Fred even na. “Er werkten natuurlijk echte vaklieden. Het bouwplaatspersoneel kreeg bijscholing, zodat ze hun vak verstonden. Ook was het belangrijk dat naast de vakbekwaamheid ook de juiste man op de juiste plek werkte. Dat voelde mijn vader feilloos aan.”

In 1963 had Wilma al bijna 1500 mensen in dienst. Opdrachtgevers kregen steeds meer vertrouwen en Wilma durfde risico’s te nemen. “Het bedrijf pakte alles aan, wat het ook was. Kerken, sloopwerk, bospaden, laag- en hoogbouwwoningen. De klanten waren voornamelijk woningbouwverenigingen en overheidsinstellingen.”

Kenmerkend was dat Wilma niet afhankelijk wilde zijn van andere bedrijven. “Veel steenfabrieken langs de Maas waren in de oorlog gebombardeerd. Dus werd er een eigen steenfabriek opgericht in Meijel. In Maastricht stond een eigen betonfabriek, waar onder meer rioolbuizen, tegels en opsluitbanden werden gemaakt. In de betonfabrieken in Geleen en Weert werden vloerblokken, balken en betonelementen gemaakt.”

In de jaren zestig was de woningnood hoog. Er moest snel en veel gebouwd worden. “De regering en gemeenten bleven maar druk uitoefenen. De overheid stimuleerde industrieel bouwen vanwege de prijs en snelheid. Dat kon Wilma als geen ander.”

Verschil van inzicht
In 1967 kregen de grondleggers van het bedrijf een verschil van inzicht: Harrie wilde uitbreiden en Henk koos juist voor stabilisatie. “Dat leidde ertoe dat ze de boel hebben laten taxeren en de bedrijven werden opgesplitst. Ze gingen ieder hun eigen weg. Harrie koos voor het bouwbedrijf en Henk kreeg de toeleveringsbedrijven. Machinefabriek WBM in Stramproy is op dit moment nog in het bezit van de familie Willemsen.”

Na het uit elkaar gaan werd over het hele land een netwerk van bouwbedrijven opgezet, van Maastricht tot Groningen. “Toen het aantal opdrachten terugliep, stak Harrie veel privégeld in het bedrijf. Hij verhoogde de omzet door in te zetten op projectontwikkeling. Het voor eigen rekening bouwen, bracht ook veel risico’s met zich mee. Daar was Henk voorheen geen voorstander van. Maar Harrie vond stilstand achteruitgang. Door de scheiding heeft hij het bedrijf kunnen laten groeien tot een internationaal bedrijf met meerdere vestigingen in Nederland, Duitsland, België en de Verenigde Staten.”

Familiebedrijf
Ook de gezinssamenstelling speelde hierin een rol. “Henk had maar één zoon en vier dochters. Harrie had vier zonen en twee dochters. Zelf kwam ik in 1975 in het bedrijf. Ik trad aan op de bouwplaats in Helmond als organisatiemedewerker. Mijn broer Luud werkte er toen al iets langer. En dat was hard nodig, toen mijn vader in 1977 overleed. Er was geen familie meer in de directie. Op dat moment studeerden Rob en Paul nog. Luud nam de taak van mijn vader als voorzitter van de Raad van Bestuur over. Daardoor was de continuïteit weliswaar verzekerd, maar je bent een familiebedrijf. De familie geeft sturing.”

De boers en zussen Luud, Fred, Rob, Paul, Cécile en Karin vormen de erfgenamen van het familiebedrijf. “Maar bij de Wilma-activiteiten waren alleen de zonen betrokken. Mijn zussen waren wel aanwezig bij de aandeelhoudersvergaderingen.”

Weert
Wilma heeft veel betekend voor Weert. Zo heeft het bouwbedrijf een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van de stadskern. “Er is zo ongelofelijk veel gebouwd. Onder meer honderd woningen in de Stegelstraat, ruim tweehonderd woningen in de Sint Jozefl aan, Drukkerij Smeets, het politiebureau en het voormalige stadhuis in de Beekstraat. Ook heeft Wilma in 1959 de toren van de Sint Martinuskerk hersteld die tijdens een najaarsstorm in 1940 naar beneden was gestort.”

Als de baas goed is voor de mensen, dan zijn de mensen goed voor de baas. Dat was het uitgangspunt van Harrie Maas. Hij voerde dan ook een verstandig, sociaal beleid. In 1958 werd bij Wilma een ontspanningsvereniging opgericht, waarvoor ook een verenigingsgebouw werd neergezet met tennisbanen. Er volgend ook een carnavalsvereniging, een voetbaltoernooi en een mannenkoor. Als persoonlijke bijdrage schonk hij de gebrandschilderde ramen voor de Sint Franciscuskerk op de Biest in Weert. Bovendien was hij voorzitter van Kerkelijke Harmonie St.-Joseph 1880.

Wilma heeft bovendien gezorgd voor de nodige arbeidsplaatsen in Weert waardoor de werkloosheid daalde. Op het hoogtepunt, in de jaren tachtig, werkten er ruim 4.500 mensen in vaste dienst. Nog eens 15.000 werkten in onderaanneming.

Fusies
Fred bekleedde verschillende functie binnen het bedrijf. “Na een studie aan de TU Delft en de militaire dienst begon ik dus op de bouwplaats. Ik heb ervaring opgedaan op diverse afdelingen zoals calculatie en planvoorbereiding en werd in 1980 adjunct-directeur van Wilma Weert en in 1987 directeur van Wilma Nederland.”

In 1997 volgde een aankondiging dat het familiebedrijf Wilma met het beursgenoteerde BAM tot BAM Wilma zou fuseren. Maar deze fusie, die een bedrijf met 6500 medewerkers zou opleveren, ging niet door. In 1998 ging Wilma samen met NBM-Amstelland, dat zich vooral gespecialiseerd had op de vervaardiging van bouwmaterialen. Men hoopte aldus tot een goede synergie te komen. Het nieuwe bedrijf had 9636 werknemers in dienst. “Het samenvoegen van de bedrijven gaf problemen voor werknemers. Verschillende functies waren dubbel, dus moesten er mensen uit. Dat is allemaal geregeld in de twee laatste jaren dat ik werkzaam was.”

NBM-Amstelland werd echter al spoedig gesplitst en aldus werd Wilma in 2000 alsnog onderdeel van de Koninklijke BAM Groep. Het grote hoofdkantoor in Weert werd in 2005 gesloopt. Het nieuwe kantoor van BAM Woningbouw Wilma Weert werd in 2005 in gebruik genomen en op 1 januari 2009 werd de naam veranderd in BAM Woningbouw Weert.

Wilma anno nu
Wilma Duitsland (Immobilien) kwam in 2003 onder leiding te staan van Frank Maas, kleinzoon van Harrie en zoon van Luud. De firma is uitgegroeid tot een top-3-speler in de Duitse woningontwikkeling en focust zich op de regio’s Noordrijn-Westfalen, het Rijn-Maingebied en Baden-Württemberg. In Nederland is Wilma onder de noemer Wilma Wonen sinds 2016 weer actief. De focus ligt op de ontwikkelling van woningen in stedelijke gebieden, van kleinschalige projecten tot woontorens. Ook heeft Wilma inmiddels vestigingen in België en Spanje.

Met dank aan Hennie van den Heurik